De Joodse gemeenschap in Rotterdam verzet zich tegen de oproep van DENK en de Partij voor de Dieren om de Israëlische ambassadeur niet uit te nodigen voor de jaarlijkse herdenking bij Loods 24. Volgens de gemeenschap hoort de herdenking van de Holocaust geen podium te zijn voor actuele politieke discussies.
In een open brief aan burgemeester Carola Schouten, de gemeenteraad, wijkraden en andere betrokkenen schrijft de Joodse gemeenschap dat de herdenking bedoeld is als eerbetoon aan de duizenden Joodse Rotterdammers en inwoners van de Zuid-Hollandse eilanden die vanuit Loods 24 werden gedeporteerd naar de vernietigingskampen, van wie de meesten niet terugkeerden. "Deze plek is geen politieke arena; de herdenking is geen referendum over actuele politiek", staat in de brief.
De briefschrijvers stellen dat de aanwezigheid van de Israëlische ambassadeur, of diens vertegenwoordiger, geen politiek statement is, maar een erkenning van de historische band tussen de Holocaust en het ontstaan van de staat Israël. Volgens hen voelen Joden wereldwijd, ook in Rotterdam, zich juist vanwege die geschiedenis met Israël verbonden. De gemeenschap noemt het ongewenst om die verbondenheid bij een Holocaustherdenking ter discussie te stellen.
Daarnaast waarschuwt de Joodse gemeenschap voor de gevolgen van het weren van de Israëlische vertegenwoordiger. Volgens de brief zou daarmee een precedent ontstaan waarbij ook Joodse organisaties, gemeenschappen of sprekers met een band met Israël in de toekomst kunnen worden uitgesloten van Holocaustherdenkingen of andere publieke bijeenkomsten. "Daarmee ondermijnt deze oproep de hele geest van herdenken, die juist een moment van eenheid tegen haat, antisemitisme en elke vorm van racisme zou moeten zijn", aldus de brief.
De Joodse gemeenschap roept DENK, de Partij voor de Dieren en de wijkraden op af te zien van wat zij een polariserende koers noemt. Volgens de ondertekenaars is er ruimte voor dialoog, maar niet tijdens de herdenking bij Loods 24, waar de herinnering aan de slachtoffers centraal moet staan. De brief eindigt met de oproep de Israëlische ambassadeur, net als in voorgaande jaren, welkom te heten. "Dat is geen politieke keuze, maar een morele: respect voor de slachtoffers van toen, zonder de haat van nu te importeren."
De brief is ondertekend namens de Joodse gemeenschap Rotterdam door het Nederlands Israëlitisch Kerkgenootschap (NIG), de Liberaal Joodse Gemeente (LJG) en de Jewish Student Association Rotterdam (JSAR).